|
Om 7.00 uur liep de wekker af, zodat we op tijd gedoucht waren en aan het ontbijt konden beginnen. De reden? Vandaag bezoeken we de Ducati Factory en daarvoor moeten we om 9.15 uur klaarstaan in het Visitor Center.
Triestig is het wel dat zelfs voor de Ducati owners die met de motor komen geen parking voorzien is. Je moet maar ergens op straat een plekje vinden.
Na het afplakken van de voor- en achtercamera's van onze smartphones en de melding dat deze tijdens de rondleiding niet gebruikt mogen worden, kunnen we van start gaan.
We betreden de fabriek via de afdeling eindcontrole. Hier werken verschillende medewerkers lange checklijsten af om te controleren of alles correct gemonteerd, afgewerkt en volledig operationeel is.
Daarna wandelen we verder en krijgen we uitleg over de overname door Audi in 2012. Sindsdien is de fabriek sterk gemoderniseerd en vooral veel gestructureerder geworden. Ook werd er een samenwerkingsverband opgezet met scholen, waardoor studenten na hun tweede jaar beroepsonderwijs kunnen kiezen voor een traject waarbij ze voor 50% naar school gaan en voor 50% meedraaien bij Ducati. Daarbij ligt de nadruk vooral op praktijkervaring.
Op die manier slaagt Ducati erin om elk jaar voldoende vakmensen aan te trekken om de productie te ondersteunen.
We horen ook dat er ongeveer 600 mensen in de fabriek werken en nog eens 1.000 op kantoor.
Vervolgens krijgen we te horen dat twee belangrijke onderdelen nog steeds volledig in Italië worden geproduceerd voor alle Ducati's: de krukas en de nokkenas voor het desmodromische kleppensysteem.
Voor de overige onderdelen werkt Ducati samen met diverse leveranciers, bij voorkeur eveneens uit Italië.
We zien verschillende CNC-gestuurde frees- en draaimachines aan het werk.
Daarna komen we in de assemblagehal terecht. Daar begint alles bij het motorblok. Medewerkers vullen bakken van ongeveer één vierkante meter met alle benodigde onderdelen. Deze medewerkers noemen ze de "shoppers", omdat zij ervoor zorgen dat alle juiste onderdelen in de juiste vakken klaar liggen.
Vervolgens zijn er vier teams die telkens vier minuten krijgen om hun deel van de assemblage uit te voeren. Daarna schuift het geheel door naar het volgende team. Na zestien minuten is een motorblok volledig geassembleerd.
Opvallend is dat hier verrassend veel vrouwen, ook jonge vrouwen, aan de slag zijn.
Zodra het frame en het motorblok samenkomen en de vering en ophanging worden gemonteerd, wordt het werk fysiek wat zwaarder. Hier zien we voornamelijk mannen aan het werk. In groepen van vier bouwen ze de motor verder op en monteren ze onder andere de ophanging, het stuur, de uitlaat en vooral héél veel kabels.
Terwijl we verder langs de productielijn wandelen, zien we hoe stap voor stap de complete motor ontstaat.
Op het einde van de lijn worden alle motoren gevuld met vier liter benzine en doorlopen ze een uitgebreid testprogramma om te controleren of alles perfect functioneert.
De rondleiding duurde ongeveer een uur, maar was bijzonder interessant.
Daarna rijden we verder naar Verona, waar we na de lunch de Arena bezoeken. Het indrukwekkende bouwwerk heeft vandaag nog steeds een actieve functie en wordt nog regelmatig gebruikt voor opera's, concerten en toneelvoorstellingen.
We nemen een kijkje binnen, ervaren de bijzondere akoestiek en voelen ondertussen de zon stevig op ons branden.
Vervolgens gaat de route richting het Gardameer.
Mike heeft aan de noordwestelijke kant een mooie route gevonden: de SP38, beter bekend als de Strada della Forra. Het is een adembenemende, maar vooral smalle bergweg die vanaf het Gardameer de bergen in slingert.
Een groot deel van het eerste stuk is zelfs eenrichtingsverkeer.
Eenmaal boven aangekomen krijgen we trek en besluiten we in een pizzeria meteen ook ons avondeten te nemen. Daarna rijden we via de bochtige SP115 opnieuw naar beneden. Een absolute top lus voor motorrijders.
Eenmaal aangekomen in Riva del Garda slaan we linksaf de SS240 op. Eerst rijden we door enkele lange tunnels die ons al flink in hoogte doen winnen, waarna de weg de vallei verder volgt richting de bergen.
Bij het Lago di Ledro zien we de zon ondergaan.
De waterval van Ampola bewonderen we in de schemering, die eigenlijk al bijna duisternis is. Kort daarna komen we aan in Storo, waar we zullen overnachten.
|